|

Zoals alle
OA tradities, zijn de elfde en twaalfde traditie ontstaan uit de
ervaring van Anonieme Alcoholisten. In het begin dachten de grondleggers
dat het verbreken van publieke anonimiteit de AA gemeenschap kon
helpen, in het bijzonder als de publiciteit beroemde personen betrof
die ook herstellende alcoholisten waren.
Toen andere
AA'ers deze voorbeelden gingen volgen, werd al snel duidelijk dat
het verbreken van anonimiteit een bedreiging was voor het voortbestaan
van de gemeenschap. Sommigen verbraken hun anonimiteit als hulp
bij het uitdragen van de boodschap, terwijl anderen hun herstelverhalen
gebruikten voor persoonlijk voordeel.
Geen
woordvoerders
Zowel
het welzijn van Anonieme Overeters als dat van AA hangt af van een
unanieme toepassing van het anonimiteitsprincipe. "Maar", kan je
protesteren, "ik heb niets te verbergen. Televisie is een visueel
medium en nieuwkomers zullen zich aangetrokken voelen door mijn
gewichtsverlies. Daarnaast zal het mijn programma geen kwaad doen,
ik heb al jaren onthouding en het maakt mij niets uit wie weet dat
ik een OA-lid ben." Dit mag allemaal waar zijn, maar wat als anderen
naar voren kwamen en jouw voorbeeld volgden? Stel je voor dat zij
zouden gaan wedijveren om publiciteit en financiële beloning?
Als zij weer
terugvallen in het dwangmatig eten dan is de publieke indruk van
AO eerder een van "luidruchtige mislukkingen" dan van 'stille successen".
Wij weten dat dat niet de fout is van het OA-programma, maar het
publiek weet dat niet. Mensen die zichzelf identificeren als OA-leden
worden vanzelfsprekend gezien als woordvoerders van ons programma.
Richtlijnen
Een punt dat vaak over het hoofd wordt gezien is dat de naam van
onze gemeenschap "Anonieme Overeters" is. Een persoonlijke identificatie
op het publieke niveau maakt deze naam tot een farce. "Ja", zou
je kunnen zeggen, "maar ik gebruikte mijn achternaam niet tijdens
dat televisie-interview. Ik dacht dat dat genoeg was!" Dit is een
bekend misverstand. Wanneer je verwacht te worden ondervraagd voor
een krantenartikel of een radio- of televisieuitzending, ga dan
bij jezelf na, "Ben ik van plan om te zeggen dat ik lid ben van
OA?" Als dat zo is dan is het antwoord duidelijk; geen gezichten
en geen achternamen. Wanneer jij jezelf niet een OA-lid noemt (zelfs
al zeg je dat je een dwangmatig eter bent), dan ben je vrij
om je hele naam te gebruiken en met je gezicht voor de camera of
in de krant te komen.
Deze richtlijnen
gelden ook voor schrijvers uit OA . Als zij zeggen dat zij lid zijn
van OA dan is hun keuze voor het onderschrift: (1) voornaam en initiaal,
(2) "anoniem" en (3) een verzonnen naam (waarbij vermeld wordt dat
hiervan gebruik is gemaakt). Wie over zijn eetprobeem en het herstel
daarvan schrijft zonder de naam van OA te gebruiken, kan dat doen
onder zijn eigen naam.
In het omgaan
met de media, maken wij soms de fout te veronderstellen dat de ondervragers
bekend zijn met onze traditie van anonimiteit. Er zijn echter maar
weinig media-vaklieden die meer dan oppervlakkige kennis hebben
over OA. Het is onze taak om onze traditie van anonimiteit uit te
leggen en hun te vragen ons te helpen om onze anonimiteit te beschermen.
Ons individuele herstel, alsmede de groepseenheid en doeltreffendheid,
zijn afhankelijk van de handhaving van anonimiteit in de publieke
media. Door het opofferen van onze eigen ego's voor het welzijn
van de groep verzekeren wij dat Anonieme Overeters een sterke en
liefdevolle ondersteuning zal blijven voor ons allemaal.
OA
of AO?
Binnen
het eigen taalgebied kan de naam Overeaters Anonymous vertaald worden
naar de eigen taal. In Nederland heet onze gemeenschap daarom Anonieme
Overeters. Voor de herkenbaarheid echter is de afkorting van Overeaters
Anonymous over ter wereld OA. Hiermee wordt voorkomen dat deze in
bijvoorbeeld Frankrijk OC wordt (Outre-mangeurs compulsives) of
in Finland AY (Anonyymit Ylensyöjät).
|